Wapen van Baarderadeel

Tot 1841 was het ‘Wapen van Baarderadeel’ het enige café in het dorp. In de 19-de eeuw waren er maar liefst 3 herbergen in Jorwert.  Jorwert  telde toen ook meer inwoners. Er was dus genoeg klandizie. Nu is er weer één café in het hart van het dorp.

Dit café, ‘Het Wapen van Baarderadeel’ wordt voor het eerst genoemd in 1511. Het  kerkbestuur verhuurt de grond en het gebouw aan diverse uitbaters. De oudst bekende herbergier komt in de stukken voor als ‘Jan de Tapper’. In Jorwert  zetelde in die tijd het grietenij-bestuur. In de herberg werd recht gesproken voor lichte vergrijpen. Het was vooral een belangrijk ontmoetingspunt voor de schippers en kooplui die boter en kaas naar Leeuwarden en Sneek vervoerden. Voor het café bevond zich een opvaart die uitkwam op de Jorwertervaart. De eerst bekende koopakte dateert uit 1660.

De herberg werd toen verkocht voor ‘911 goutgulden’. Een groot gedeelte van de achter het café gelegen notaristuin hoorde toen bij het café. De uitbaters hadden altijd een tweede tak : veehouder, timmerman en van 1756 tot 1813 een bakkerij. Pijter Jelles de eerste herbergier-bakker, komt in oude Leeuwarder Couranten voor als organisator van kaatspartijen en harddraverijen tijdens de Jorwerter kermis. In 1819 werd de herberg met bakkerij verkocht aan Jouke Jelles Schaap. In zijn periode wordt voor het eerst de naam ‘Het Wapen van Baarderadeel’ genoemd in de archieven (in 1826). Deze Schaap was naast herbergier ook slager. In 1856 wordt er in de herberg ook voor het eerst een kruidenierswinkel gevestigd (grutterswaren). Kastelein en timmerman Minne van der Ploeg was uitbater van 1886 tot 1898. Hij bouwde in 1886 een tweede verdieping op de herberg met een uitbouw op drie pilaren waardoor een zogenaamde ‘doorreed’ ontstond.